Woensdag 24 juli 2002

Port Hardy Quadra Island

vorige dag | routebeschrijving vandaag | volgende dag
 

10h55
Toen we deze morgen wakker werden was het mistig over de Hardy Bay, nu begint het terug op te klaren.  De wagen is opnieuw volgepakt en we kunnen vertrekken.  Nog snel enkele prentkaarten posten naar de familie en dan de baan op.

Dirk en Veerle hadden ons aangeraden om ingeblikte gerookte zalm te kopen in een “smoked salmon factory”.  We lopen daarom even het Visitor Centre binnen voor een lokaal adres van zo’n fabriekje. 
Even later zitten we terug in de wagen met enkele blikjes in de hand.
Na het proeven van een stukje versgerookte zalm daarbinnen, hadden we de hele winkel wel willen opkopen, maar dan zouden we met een financieel probleem zitten.  We houden het dus bij enkele blikjes.  Het zal al een kunst zijn om er tot thuis af te blijven !

11h35
We vertrekken richting Cape Scott Provincial Park in de noordwestelijke uithoek van Vancouver Island.  Waarom weten we eigenlijk niet, misschien willen we gewoon in alle uithoeken van Canada geweest zijn en dit is er alleszins één van.  Of er iets te zien is, valt nog af te wachten.
Niet lang nadat we de Holberg Road zijn afgeslagen, stopt het asfalt en rijden we verder op een ‘gravel road’.  Het is hier al een tijd droog geweest en we laten bijgevolg een grote stofwolk achter ons.  We rijden met de koplampen aan om beter gezien te worden.

12h35
Holberg, “End of maintained public road”.  We rijden dus nu op een weg die hoofdzakelijk gebruikt wordt door vrachtwagens met boomstammen.  Het is dus uitkijken, we kunnen maar beter plaats maken voor deze grote gevaartes.

13h00
De weg wordt smaller en eindigt op een kleine parking tussen de bomen.  In de verste uithoek ervan staat een caravan met een aanbouwtent.  Een park ranger zit rustig iets te lezen in zijn stoel.   Ik stap uit en vraag hoe ver het nog is tot de kust.
Well, it’s about 45 minutes to the coast and then you have to get back again.”
Ik kijk even op mijn horloge en besluit dat  het te laat zou worden als we dit willen doen.  Bovendien hebben we nog niet gegeten.  We maken dus rechtsomkeer.  Op de terugweg nemen we de afslag naar Raft Cove in de hoop daar de oceaan te kunnen zien.  Maar ook daar hebben we geen geluk, de weg eindigt op een open plek tussen de bomen die moet dienst doen als camping. Er valt niets te beleven.

13h30
We zijn terug in Holberg en stappen het enige restaurant binnen dat dit dorpje rijk is: “The Scarlet Ibis Pub”.  Het is er nogal donker, maar als we verder naar achter lopen, komen we in een soort veranda met uitzicht op het water.  Het is geen meer maar het einde van een zeearm, de Holberg Inlet.  De zee is echter meer dan 60 km verderop.  Het is niet echt een idyllisch plekje, maar het zou hier wel rustig zitten zijn ware het niet dat een tafel verderop er nogal luidruchtig gepraat wordt.
We bestellen een pizza, een hamburger en chicken fingers.  Variatie in het menu moeten we hier niet zoeken.  We mogen al van geluk spreken als we iets te eten krijgen en dat bovendien ook de kinderen het lusten.

15h30
Na de stoffige Holberg Road zijn we nu terug op de hoofdweg, Highway 19 richting Campbell River.
Er zijn wat schaapjeswolken in de lucht maar het is nog steeds prachtig weer en meer dan warm genoeg.
Als de weg korter bij de kust komt, kunnen we de Coast Mountains op het vasteland, meer dan 30 km verder, heel goed zien.  Over de Queen Charlotte Strait hangt mist, maar de sneeuwtoppen steken erboven uit.

Eens we voorbij Port McNeill zijn, draait de highway landinwaarts.  We volgen het Nimpkish Lake en rijden langs eindeloze bossen.  Of zo lijkt het toch, want het duurt uren vooraleer we terug een teken van beschaving tegenkomen. 

19h15
Campbell River.
Het begint weeral laat te worden.  We slagen er opnieuw niet in om op tijd in ons hotel aan te komen. De ferry naar Quadra Island komt de haven binnengevaren.  We hebben nog net de tijd om ons ticket te kopen.  Ik geef mijn Visa kaart aan de vriendelijke dame en krijg ze na enkele seconden terug met mijn ticket.
Where do I sign ?”, vraag ik verwonderlijk.
Nowhere !”, zegt ze lachend, “Scary, don’t you think ?”

Tien minuten later staan we aan de overkant van de smalle Discovery Passage.  We moeten nu naar Cape Mudge, dat op de zuidpunt van het eiland gelegen is.  Dus de ferry afrijden, naar rechts afslaan en altijd rechtdoor.  Zo eenvoudig is dat.

20h00
De laatste kilometers rijden we op de smalle bosweg van het domein van de Cape Mudge Band.  In dit 450 ha groot gebied niet gejaagd mag worden en geen hout gehakt, dat staat bij de ingang te lezen.
De Tsa-Kwa-Luten Lodge zelf staat bij de kust met een prachtig uitzicht over het kiezelstrand.  De volledig houten constructie van de inkomhal doet denken aan een tempel uit Kuifje.  Indien Hergé hier geweest zou zijn, zou hij dit zeker in een verhaal gebruikt hebben.

Terwijl we de bagage naar de kamer dragen, zien we door het raam in de gang een jong hert.  Het staat zomaar te grazen op het gazon naast het hotel, het lijkt wel een huisdier.  De kinderen zijn onder de indruk en willen blijven kijken.  We hebben echter geen tijd, we moeten nog eten.
Ondanks het late uur zijn ze in de keuken nog zo vriendelijk om ons een lekkere zalmschotel gereed te maken.  Een wit wijntje erbij doet ons de dag mooi afsluiten.

volgende dag