Zaterdag 13 juli 2002

Chase Rogers Pass

vorige dag | routebeschrijving vandaag | volgende dag
 

7h35
De kinderen zijn nog steeds vroeg wakker maar het begint al te beteren.  We mogen aannemen dat dit toch een normaal uur is want we hebben weer een drukke dag voor de boeg.
De Quaaout Lodge wordt beheerd door de Little Shuswap indianen.  De inkomhall van de lodge is opgebouwd als een ‘kekuli’, een winterhut van de indianen.  In het midden staat een grote haard waarrond het salon is ingericht.
Hier staat ook het ontbijtbuffet dat er overheerlijk uitziet.  Voor de kinderen is het enige wat telt de pannenkoeken die voor onze neus klaargemaakt worden.  Wij genieten van toastjes, omelet, worstjes, spek, fruit, … teveel om op te noemen.

9h50
Alles is weer ingeladen, we kunnen vertrekken.  De lucht is overtrokken en minder warm.  Dat was ook zo voorspeld in het weerbericht van gisteren.  Voor we op weg gaan willen Ponta en Kika nog even naar de paarden gaan kijken in een weide naast de parking van het hotel.  Ze hadden immers vanuit het raam in de kamer een ‘indiaan op een paard’ gezien, en dat wilden ze toch wel van naderbij bekijken.  Het duurt echter niet lang voor we in de auto zitten want het wemelt er van de muggen.

10h30
In Salmon Arm stappen we even het Visitor Center binnen voor wat informatie.  De kinderen hebben al snel begrepen dat ze hier foldertjes kunnen verzamelen met mooie foto’s erop en ze gaan gretig aan de slag.  We moeten ze wat inhouden of de hele voorraad documentatie van het Center zou in onze auto belanden.
Ik vraag even of er een kans bestaat dat we ergens de zalmentrek kunnen zien, maar ik krijg te horen dat we nog veel te vroeg zijn.  Die komen pas in augustus.
Na wat inkopen in een plaatselijke supermarkt rijden we verder.

11h55
Craigellachie, hier werd na jaren zwoegen in 1885 de oostelijke met de westelijke spoorlijn verbonden.  Ter herinnering aan de ‘Last Spike’ staat hier een oude treinwagon en op enkele meters spoorlijn kan je hier met een voorhamer de ‘spikes’ nog wat dieper in het hout slagen.
Terwijl we uitstappen passeert er juist een goederentrein met een doordringend geschal.  Het lijkt wel een eerbetoon aan de arbeiders die er voor gezorgd hebben dat deze trein hier vandaag kan rijden.  Ofwel heeft de machinist er gewoon plezier in om wat te  toeteren naar de mensen die bij het monument staan.

13h00
We zitten midden in de Monashee Mountains.  De vallei wordt smaller als we Eagle Pass naderen.  Links en rechts van ons zien we steile rotswanden waartussen net genoeg plaats is voor de spoorlijn, een hotel en de Trans-Canada highway waarop we nu rijden.  Het herkenbare, knalrode dak van het hotel met zijn vele dakkapelletjes weerspiegelt in het rustige Three Valley Lake.
De Three Valley Gap Heritage Ghost Town is een samenraapsel van weliswaar authentieke gebouwen, maar die hier niet origineel stonden.  Een goeie poging van de hoteleigenaar om een attractie naast zijn hotel te plaatsen, maar het kan ons maar weinig boeien. Bovendien zijn er alleen geleide bezoeken mogelijk en daar hebben we geen tijd voor. 
Na de lunch rijden we verder.

14h25
Vooraleer we het Mount Revelstoke National Park binnenrijden, houden we nog even halt bij het Visitor Center.  Ik vind er een gedetailleerde kaart van het park (1/50 000) met op de keerzijde veel wandelinformatie, maar de kans is klein dat we die nodig zullen hebben tijdens ons kort bezoek ervan.  Weerom moeten we de kinderen inhouden voor hun foldermanie.

14h55
Bij de parkingang legt een vriendelijke parkwachter ons uit dat als we van plan zijn meer dan 5 dagen door de nationale parken te rijden, we beter een jaarpas kunnen kopen.  In mijn hoofd overloop ik snel even onze reisroute van de volgende weken en kom tot de vaststelling dat we zelfs 8 dagen door de parken zullen rijden.  We kopen dus de jaarpas.
Tussen de hemlocksparren en cedars door rijden we de ‘Meadows in the Sky Parkway’ naar boven. 
De ene haarspeldbocht volgt de ander op en even later komen we bij een wegversperring: ‘ROAD CLOSED’.  De parkwachter had ons hiervoor verwittigd, de sneeuw van de voorbije winter is immers nog niet gesmolten boven de 1800 meter.  Als we vanaf hier verder willen, moeten we het te voet doen.  Onze schrik om een beer op het lijf te lopen wordt afgezwakt door het feit dat we hier niet alleen zijn en dat we steeds de brede asfaltweg zullen volgen.
We trekken onze fleece en stapschoenen aan en gaan op pad.  De kinderen doen hun best onderweg zolang we ze kunnen boeien met allerhande kleinigheden die we op onze weg tegenkomen: mooie bloemen, afdrukken van misschien wel berenpoten in de sneeuw, prachtige vergezichten van besneeuwde bergen en zomeer. Onderweg maken we lawaai om de beren te verdrijven door luid te praten en te zingen.  De kinderen nemen met alle plezier deze taak over.

Twee kilometer verder en drie kwartier later staan we in de sneeuw bij het half bevroren Balsam Lake (1850 m).  Ook de naastliggende parking tot waar we hadden moeten kunnen rijden, zit nog onder een laag sneeuw. 
De top van Mount Revelstoke ligt nog 1 kilometer verder en 100 meter hoger, maar met de kinderen is het niet aan te raden om het dichtgesneeuwde pad van de Upper Summit Trail of zelfs de gewone asfaltweg verder te volgen.  Zij hebben bovendien hun doel al bereikt : ze kunnen sneeuwballen gooien!
Wij kunnen ons ook tevreden stellen met het prachtige uitzicht op de vergletsjerde Selkirk Mountains in het noordoosten.
Op de terugweg komt ook de zon tevoorschijn, dat maakt het onmiddellijk enkele graden warmer.

17h10
We zitten terug in de wagen en rijden naar beneden langs dezelfde parkway.  We hebben geen beren gezien, alleen een pootafdruk die er op leek.  Voor de kinderen was dat al een belevenis.
De ‘alpiene weiden met een bont tapijt van felgekleurde bloemen’ zoals beschreven in de reisgids, hebben we door de sneeuw niet gezien.  De zomer laat op zich wachten dit jaar…

18h05
Door tijdsgebrek hebben we de ‘Skunk Cabbage Trail’ overgeslagen maar nu stoppen we toch voor de ‘Giant Cedars Trail’.  Het is een korte, educatieve wandeling door een oerbos met gigantische bomen van honderden jaren oud.  De natuur heeft zo z’n eigen museum, we worden er stil van.

19h00
Nadat we een kwartier eerder al het Glacier NP waren binnengereden, komen we nu aan op Rogers Pass.  We zitten op een hoogte van slechts 1330 meter, maar deze plaats is berucht voor zijn gevaarlijke sneeuwlawines, in de winter, gelukkig maar.  Want ook de Glacier Park Lodge staat hier, ons hotel voor deze nacht.  Voor één keer zijn de kinderen nog wakker als we er aankomen.

volgende dag