Zondag 2 juni
Denali National Park

vorige dag | routebeschrijving vandaag | volgende dag
 

"It's a bear ! It's a bear !"
 
 

6h52
"Are you the two guys we are waiting for ?", vraagt de buschauffeur ons op een iets té opgewekte toon voor dit uur van de morgen. Hij was duidelijk al wakker en had waarschijnlijk al grapjes zitten maken met de overige passagiers over eventuele laatkomers.
Dergelijke grappen kunnen wij best missen.
Wel vriendelijk dat ze 2 minuten wilden wachten op ons, maar een plaatsje aan het venster is er niet meer.

"Good morning, folks, how are you today ?"
Er wordt menig "Yeah, fine !" geroepen.
We kijken elkaar verbaast aan met een gezicht van "zitten we wel op de juiste bus ?"
"Alright, then ! ", vervolgt hij zijn show, "you can just call me Dave and I will be your bus driver and guide today."
Mooi, Dave ziet er een praatgrage jongen uit en zal ons de komende uren animeren.
"Is there anyone here from Arizona by chance ? That's where I am from, I'm from Tuscon", zegt Dave in de hoop een staatgenoot te vinden in de bus, maar hij heeft weinig succes. Het ziet eruit dat al die Amerikanen onder elkaar zich zo alleen voelen als er geen staatsgenoot in de buurt is.
"Come on, Dave ! Let's go, show us the bears", roept er iemand nogal ophitsend op de laatste rij.
Dave start de bus en begint ons tevens allerlei instructies te geven : dat we luid moeten roepen als we een vraag willen stellen, dat we "Stop" moeten roepen als we een dier gezien hebben, dat de raampjes wel open mogen maar dat roepen naar de dieren niet door de beugel kan.
"We don't tolerate this rude behaviour, I would get a bad ticket for harassment if I let you guys do that !" Geen probleem voor ons, wij zullen ons kalm houden, hopelijk doet de rest van de bus dat ook.

"Moose ! Moose !", roept mijn buurman Ron plots hysterisch en we zijn nog geen 10 mijl onderweg.
Dave stopt nogal abrupt de bus en rijdt enkele meters terug.
"Over there !" roept Ron terug en hij springt recht uit zijn zitplaats. Een halve bus volgt zijn voorbeeld. De raampjes vliegen open en de fototoestellen klikken alom.
Het dier in kwestie is na 3 seconden tussen de sparren verdwenen, duidelijk geen interesse voor een hysterische buspopulatie.

7h20
Terwijl we Savage River oversteken, de eigenlijke toegang tot het park, komt de Mt.McKinley even in zicht.
"Dave, can you stop for a while, so we can look with our binoculars ?", roept Lou, een nogal ronde veertiger in jogging outfit.
Dave stelt de man gerust dat we de berg nog wel van dichterbij zullen zien.
 

7h30
Dave houdt halt bij enkele toiletten : 4 hokjes midden in de wildernis. Konden die mensen niet gaan plassen voor we vertrokken of was de emotie van één moose al zo groot ?
Na tien minuten rijden we verder.
De vragen die Dave te horen krijgt zijn soms op de rand van het absurde :
"Are there lions in the park, Dave ?"
"No, we don't have lions over here", antwoordt Dave even droog als diplomatisch, "lions can be found in Africa, they prefer a warmer climate."

8h15
Tweede pipi-stop en nog slechts één moose.

8h40
Dave vertraagt .
"Look over here !", zegt hij sappig, "this is bear-shit ! This is no moose-shit or kariboe-shit, this is real bear-shit. I am quite sure about it !"
Als bioloog heeft Dave in zijn jonge jaren immers nog uitwerpselen van dieren bestudeerd. Niet bepaald spannend, maar wel boeiend, vertelt hij.
"Is it still steaming ?", vraagt Lou erg geïnteresseerd, maar hij krijgt geen serieus antwoord, en gaat terug zitten.
Vanaf nu is de sfeer meer gespannen : de beren zijn nabij !
Bovendien heeft iedereen het gevoel dat hij aan de verkeerde kant van de bus zit. De beren zullen wel altijd aan de andere kant te vinden zijn. 
Iets verder naast de weg zit een ptarmigan, vergelijkbaar met de Europese alpensneeuwhoen. Alhoewel Dave z'n best doet om ook dat diertje in de belangstelling te zetten, hebben slechts weinige passagiers er interesse voor. Een beer moet er tevoorschijn komen voor deze buspopulatie, dan pas kan van succes gesproken worden !

"Stop ! Is that a grizzly over there ?", roept Ron opnieuw hysterisch.
"It's a white grizzly !", lacht Lou terug.
"No", repliceert Dave op een schoolse manier, "that is a Dall-sheep."
De spanning wordt duidelijk te groot voor sommigen, dat ze elk bewegend object als beer aanzien. 
Dave vervolgt met wat nadere uitleg over dit typische soort schaap en belooft dat we ze nog wel van naderbij zullen zien.
We rijden verder.

8h55
"Stop ! Stop ! Dave ! Stop !"
Het achterste gedeelte van de bus is duidelijk alerter dan de rest.
"It's a bear ! It's a bear !", roept Lou.
"Where is he ?", vraagt een oudere dame, duidelijk met gezichtsproblemen. Ze wordt onmiddellijk bijgestaan door enkele gedienstige medepassagiers die met handen en voeten uitleggen waar ze het dier moet vinden.
"Oh, there", zegt ze na een tijdje nogal ontgoocheld, "I can barely see him."
Ze is zich duidelijk niet bewust van haar literaire vondst : "bear" - "barely".
Hoe dan ook, het dier van zowat 400 pond snuffelt in het gras aan de overkant van de vallei, op zowat 100 meter van de bus. Na overvloedig gefotografeer rijden we verder.
De man die op de rij achter Lou zit, imponeert Lou's vrouw met verhalen over alle wilde dieren die hij al gezien heeft in de Serengeti in Kenya. Lou zelf staart verder de heuvels af op zoek naar meer beren.

9h15
Dave stopt bij wat hij noemt Marmot Rock. Een vaste stopplaats, er staan wel altijd een marmot of twee met de neus in de wind rond te turen op de bewuste rotsen. De beestjes, Dave noemt ze ook wel whistle pigs, hebben duidelijk de bussen wel al eerder gezien. Evenals de eekhoorns die zelfs naast de weg zitten te kijken als de bus langskomt.
De weg vervolgt langs de Sable Pass waar enkele mensen plots geen zin meer hebben om bij het raampje te zitten. De afgrond aan de linkerkant van de bus wordt hen iets te steil.

9h35
Enkele passagiers beginnen al in slaap te vallen. De inspanning tot hier toe viel hen duidelijk zwaar.
"A caribou !", roept Lou. Lou is een man met arendsogen, vindt Dave, want wie van een wit puntje in de vlakte kan uitmaken dat het een kariboe is en geen brok sneeuw, heeft ontegensprekelijk goede ogen.
Lou heeft vervolgens de handen vol met uitleg geven welk wit puntje hij wel bedoelt. Hij krijgt hiervoor een warm applaus van de hele bus. Dave heeft zelfs een beloning in petto voor zijn prestatie.

10h45
We komen aan in Stony Hill, het eindpunt van onze busrit.
"You, folks, are the first people on tour buses this year to see the base of the Mt.McKinley !", feliciteert Dave ons. De Amerikanen onder ons vinden dat "incredible", bijna zoals de eerste stap op de maan. Door het feit dat er al een bus vòòr ons op de parkeerplaats staat, vinden wij dat geen uitzonderlijke gebeurtenis meer.
Er staat een ijskoude wind bij Stony Hill, maar het zicht op The Great One is wel prachtig. Er wordt koffie, thee en warme chocolademelk rondgedeeld. Iedereen krijgt hiervoor een mok met een afbeelding van de Mt.McKinley. Het plastic ding, dat volgens Dave wel $5 waard is in de gift shops, krijgen we cadeau als herinnering aan de Tundra Wildlife Tour.
Na tien minuten zit iedereen terug op de bus, genoeg gekeken naar de hoogste berg van het Noordamerikaanse continent, het is veel te koud daarbuiten.

11h30
Op de terugweg vertelt Dave hoe hij ooit de Golden Bear Award in de wacht heeft gesleept. Een trofee die onder de buschauffeurs wordt uitgeloot voor wie de grootste stommiteit van het jaar heeft uitgehaald. Zoiets hadden wij van onze Dave niet verwacht. Maar ja, een stommiteit is vlug gebeurd, ook bij Dave ...
Er komen nog enkele kariboe's in zicht maar het lijkt nog weinigen te interesseren. Een moose, dat moeten ze zien !
We passeren Porcupine Forest, of wat er van overblijft. Enkele jaren geleden, na een heel strenge en lange winter, hebben de stekelvarkens van Denali dit bos zowat kaal gevreten uit hongersnood. De bomen zijn er nog steeds erg aan toe.

12h10
Een bus in tegengestelde richting komt met het nieuws dat er een beer met 3 jongen kort langs de weg zat. Iedereen in de bus springt terug wakker, de spanning stijgt ten top.
Dave probeert de plek terug te vinden die Virginia, de chauffeur van de andere bus, beschreef.
Maar tevergeefs, hij vindt nog enkele Dall-sheep en kariboe's, maar hij hoeft er niet meer voor te stoppen.

13h45
De Tundra Wildlife Tour zit erop. Dave looft nog enkele mensen voor hun uitzonderlijk observatie-talent en bedankt de hele bus voor het milieubewust sorteren van de overschotten van het lunchpakket.

Tussen de vele wilde dieren die we hebben kunnen observeren, zat er ook een speciale soort die niet echt op het programma stond : de Turistis Americanis. Er zaten er zo'n 48 in onze bus. Ze praten als mensen, maar veel luider. Ze lachen als mensen, maar veel luider. De mannetjes tooien zich graag met baseball-petjes. De vrouwtjes hebben meestal geen smaak in kleding. Ze maken grappen waar een mens amper mee kan glimlachen en als ze denken iets serieus te vertellen, dan werkt het op onze lachspieren.

14h30
We willen nog iets maken van onze dag en vertrekken met onze Chevy terug richting Cantwell. Op de Denali Highway moeten we gereden hebben, vinden we. Enkele miles moeten volstaan om ons de sfeer te doen opsnuiven van toen de Parks Highway nog niet bestond. Dat was toen de enige weg om tot het Denali Park te geraken.

15h10
Het eerste deel is asfalt, maar dan begint het echte werk, de gravel. We laten een grote stofwolk achter ons en af en toe moet ik uitwijken voor een put of en steen op de weg. Meer dan 30 mph kan ik niet rijden.

16h15
We hebben 20 mijlen achter de rug en besluiten terug te keren. Aan een turnout point houden we nog een poos halt om van de prachtige Nenana vallei te genieten. Een Bald Eagle zweeft boven ons en laat zich omhoog trekken in de turbulenties. De vallei is zijn territorium, wij mogen enkel een bezoekje brengen. Hij houdt ons in de gaten maar hij duldt ons wel. Zo'n moment doet de bus Amerikaanse toeristen wel vergeten, zalig ...

volgende dag